Oprichting school

‘Moaraná is de plek waar dromen waarheid worden’

HILVERSUM, SOEST – Ze kan haar ogen niet droog houden als ze vertelt over haar school in Belém. Eliana Hazeu-Socorro (41), die zich al zestien jaar inzet voor kindgericht onderwijs in de wijk Guamá, is een strijdbaar mens. “Het hele leven is een strijd, elke dag weer”, zegt ze. “Met Moaraná wil ik iets bereiken. Niet alleen voor mezelf, maar vooral voor de kinderen. Ik wil er al mijn dromen realiseren en wat mij betreft zijn daar geen grenzen aan.”

Zaterdag was de Braziliaanse lerares in het Filmhuis Hilversum om haar verhaal te vertellen en een film te vertonen over haar werk Als Eliana praat over de plek waar ze is opgegroeid, beschrijft ze een sloppenwijk zonder wegdek of trottoirs, met nauwelijks elektriciteit of stromend waterwaar besmettelijke ziektes welig tieren en sociale misstanden en huiselijk geweld aan de orde van de dag zijn. Als ze terugkijkt op haar eigen jeugd, ziet ze zichzelf roerloos op een stoel zitten, uren achtereen, te midden van zestig andere kinderen in een piepklein lokaal. “Je leerde er niks. In ieder geval niet de dingen die je nodig had om te overleven in een achterstandswijk en helemaal niet hoe je je eigen levensomstandigheden kunt verbeteren.”

Zij zelf had het geluk ‘ontdekt’ te worden door een katholieke zuster, Madeleine Westerveld, die haar onderdak gaf en stimuleerde verder te studeren. Naar de kweekschool ging ze en de daarna werd ze kleuterleidster in een gemeenschapshuis. Via een bijbaan op een montessorischool in een betere wijk van Belém kwam Eliana in contact met de pedagoge Ana Tancrede “Zij wees mij op het belang van goed onderwijs aan kleine kinderen, waar in Brazilië naulijks belangstelling voor is.” Begin jaren negentig sloeg Socorro zelf de hand aan de ploeg. Samen met haar zus zette ze een schooltje op in het huisje van haar moeder. Met hulp van zuster Westerveld kwam er eind ’92 geld uit Nederland. “Binnen enkele maanden hadden we geld voor de aankoop van een groot terrein en een schoolgebouw”, zegt Eliana, bladerend door een foto album van vijftien jaar geleden. “Het lesmateriaal maakten we zelf. Later kwam er veel opgeknapt en gerecycled montessori materiaal vanuit Nederland door mijn schoonmoeder zelf gebracht.”

Ze maakt onbedoeld een bruggetje. Niet lang na de oprichting van de school kwam Eliana in contact met Marcel Hazeu, wetenschappelijk onderzoeker uit Wageningen, met wie ze later zou trouwen. Hazeu had via zijn ouders een uitgebreid sociaal netwerk in het Gooi. “De Rotary Soest-Baarn deed een eerste flinke aanzet door het afmaken en inrichten van het schoolgebouw. Zij richtte de Stichting Vrienden van Moaraná op, die ons nu samen met een paar honderd sponsors jaarlijks met 27.000 euro steunen, waarmee we het onderwijzend personeel kunnen betalen. Verder krijgen we schoolgeld van de ouders, maar dat is heel weinig omdat die mensen arm zijn. En tenslotte ontvangen we een kleine bijdrage van de overheid voor de schoolmaaltijden.” “Ik wilde kinderen vrijmaken, opvoeden tot mondige en kritische burgers. Bovendien wil ik dat de onderwijzers gaan beseffen dat de knop om moet in het pedagogisch denken. Het betekent ook dat de ouders en de buurt meer betrokken moeten worden bij de school, want lesgeven is veel meer dan school alleen.”

Op het Centro Educacional Moaraná zijn ze daar al jaren mee aan de gang. Door deelname aan een sociaal project van oliemaatschappij Petro Bras tegen huiselijk geweld en seksueel misbruik, ontstond het contact met andere scholen in de wijk. Daaruit kwam een succesvol uitwisselingsproject voort, waarmee Moaraná zijn ‘boodschap’ hoopt te verbreiden. De school heeft minieme overheidssubsidie, maar kan niet bestaan zonder de steun van de Nederlandse ‘Vrienden van Moaraná’.

De stichting is bereikbaar via: 035-62461391 of 035-6016460.

Bankrekening 61.57.04.530 t.n.v. Stichting Vrienden Moaraná te Soest

tekst: Jos De Ley, De Gooi- en Eemlander, 31-12-2007

Reageren is niet mogelijk